Prismant

Analyse Jaarrekeningen Ziekenhuizen 2018

Afbeelding
Leo Vandermeulen Leo Vandermeulen
De financiële positie van ziekenhuizen is in 2018 verbeterd. Gemiddeld genomen is de sector erg gezond, concludeert Prismant na een voorlopige analyse van de jaarrekeningen.

Ziekenhuizen groeien nauwelijks meer, kosten beter onder controle

Op één na zijn alle jaarrekeningen nu verwerkt. De financiële positie van ziekenhuizen is in 2018 verbeterd. Gemiddeld genomen is de sector erg gezond, concludeert Prismant na een analyse van de jaarrekeningen.

De omzet van algemene en academische ziekenhuizen is in 2018 met 3,1% gegroeid. Als wordt gecorrigeerd voor loon- en prijsontwikkelingen (ruim 2,5% in 2018) dan bedraagt de volumegroei 0,6%. De groei van de ziekenhuizen blijft dus binnen de afspraken in de hoofdlijnakkoord 2018 (met een volumegroei van 1,4% in 2018[1]).

Opvallend is dat de lage omzetgroei niet heeft geleid tot een krimp van de winstgevendheid. De algemene ziekenhuizen zagen hun resultaat stijgen van 1,2% in 2017 naar 1,4% in 2018. Bij de academische ziekenhuizen daalde het resultaat van 2,6% naar 1,6%. De gemiddelde solvabiliteit is hierdoor eveneens toegenomen tot 26,9% bij de algemene ziekenhuizen en zelfs 33,1% bij de academische ziekenhuizen. Ondanks het faillissement van 2 ziekenhuizen in 2018 (Slotervaart en IJsselmeerziekenhuizen) is de sector gemiddeld erg gezond. Er verkeren nog maar een enkel ziekenhuis in de gevarenzone. Dat blijkt uit de voorlopige analyse van de jaarrekeningen van de ziekenhuizen door Prismant[2].

Omzetgroei

In 2018 is de omzet van de algemene en academische ziekenhuizen met € 803 miljoen gestegen van € 25,86 miljard naar € 26,66 miljard. De omzet van de algemene ziekenhuizen is met € 587 miljoen (ofwel 3,35 %) van € 17,6 miljard tot € 18,2 miljard toegenomen. Bij de academische ziekenhuizen[3] lag de omzetgroei met € 216 miljoen (van € 8,3 tot € 8,5 miljard) iets lager (2,6%). De omzetgroei in de ziekenhuizen blijft hiermee nadrukkelijk achter bij de afspraken uit het Zorgakkoord.

Productie

De productie in termen van de klassieke budgetparameters is in het afgelopen jaar verder gedaald. Het aantal klinische opnamen daalde met 3,2%, het aantal eerste polikliniekbezoeken met 2,0% en het aantal dagverplegingsdagen met 0,5%. Het aantal klinische verpleegdagen daalde met 3,6%. De gemiddelde ligduur bleef vrijwel gelijk 5,06 dagen. Het aantal geopende DBC’s steeg met 0,5%.

Opvallend is dat het aantal patiënten in 2018 (met 9,7%) sterk is toegenomen. Nogal wat ziekenhuizen laten een groei zien van meer dan 50%. Overigens is dit wellicht toe te schrijven aan de veranderde registratie in het DigiMV.

De kosten

Figuur 1 – Kostenontwikkeling algemene ziekenhuizen (*€ 1 mld; 2010 – 2018)

De totale kosten ziekenhuiskosten zijn in 2018 met € 831 miljoen gestegen. De kosten in de algemene ziekenhuizen stegen met € 540 miljoen (3,2%) van € 17,4 tot € 17,9 miljard (Figuur 1). De personeelskosten zijn met 3,0% toegenomen en de honoraria specialisten met 3,8%. De overige bedrijfslasten namen 4,0% toe. De kapitaallasten dalen met 1,4%. In de academische stegen de kosten met € 291 miljoen van € 8,05 naar
€ 8,35 miljard (Figuur 2). De personeelskosten stijgen met 4,3% en de overige bedrijfslasten dalen met 0,3%. De kapitaallasten dalen met 1,3%.

Figuur 2 – Kostenontwikkeling academische ziekenhuizen (*€ 1 mld; 2010 – 2018)

Kapitaalkosten dalen sterk

De afschrijvingen in de algemene ziekenhuizen zijn voor het eerst sinds vele jaren weer licht gestegen (met 2,4%). De rentelasten zijn daarentegen sterk gedaald met 14,1%, vanwege de steeds lagere kapitaalbehoefte van de ziekenhuizen en de dalende rentetarieven. De totale kapitaalkosten zijn met € 17 miljoen (1,25%) gedaald.

In de academische ziekenhuizen zijn de kosten van de afschrijvingen ook licht gestegen (0,5%). De rentelasten zijn met 19% gedaald. De totale kapitaallasten daalden met € 18 miljoen (3,25%).

Exploitatieresultaat

Het exploitatieresultaat bij de algemene ziekenhuizen is in 2018 gestegen naar € 260 miljoen in 2018. Het gemiddelde resultaat komt hiermee uit op 1,4% (Figuur 3).

Figuur 3 – Ontwikkeling resultaat Algemene ziekenhuizen (* € miljoen; 2010 – 2018)

Bij de academische ziekenhuizen daalde het resultaat sterk van € 214 miljoen naar € 139 miljoen. Het gemiddelde resultaat (1,6%) ligt hier overigens nog steeds hoger dan bij de algemene ziekenhuizen (Figuur 4).

Figuur 4 – Ontwikkeling resultaat Academische ziekenhuizen (* € miljoen; 2010 – 2018)

De kleinere SAZ ziekenhuizen kennen het hoogste gemiddelde resultaat (1,7%), de middelgrote algemene ziekenhuizen (ov.alg) kennen gemiddeld het laagste resultaat (0,5%). De STZ huizen hebben een gemiddeld resultaat van 1,5%. (Figuur 5). Geen van de SAZ ziekenhuizen kende in 2018 een negatief resultaat. De twee (rode) staafjes met een groot tekort bij de overig algemene ziekenhuizen zijn Slotervaart en IJsselmeer, die beide failliet zijn gegaan in 2018. Buiten de twee failliete ziekenhuizen zijn er slechts 4 ziekenhuizen met een klein negatief resultaat (1 UMC, 2 STZ en 1 overig algemeen ziekenhuis).

Figuur 5 – Resultaat als % omzet 2018 naar ziekenhuis

Eigen vermogen en solvabiliteit

Het eigen vermogen van de ziekenhuizen is in 2018 gestegen naar € 7,0 miljard. Dat is een ruime verdubbeling ten opzichte van 2011 (Figuur 6). De algemene ziekenhuizen nemen hiervan € 4,3 miljard voor hun rekening en de academische ziekenhuizen € 2,7 miljard. Opvallend is de stijging van het eigen vermogen bij de academische ziekenhuizen. In 2010 bedroeg dit € 1 miljard en in 2018 € 2,7 miljard.

Figuur 6 – Eigen vermogen ziekenhuizen (miljard euro, 2010-2018)

Dat komt ook tot uitdrukking in de solvabiliteit (eigen vermogen / balanstotaal). De academische ziekenhuizen kennen inmiddels een solvabiliteit van 33,1% (vorig jaar 30,0%).

De solvabiliteit van de algemene ziekenhuizen stijgt van 25,0% naar 26,9%. De STZ-ziekenhuizen kennen de laagste en de UMC’s de hoogste solvabiliteit (Figuur 7).

Figuur 7 – Solvabiliteit ziekenhuizen (eigen vermogen / balanstotaal)

Bij de overige algemene ziekenhuizen kennen de 2 failliete ziekenhuizen (IJsselmeerziekenhuis en Slotervaart) een negatieve solvabiliteit. Eén SAZ huis kent een lage solvabiliteit.

Het weerstandsvermogen (eigen vermogen/omzet) algemene ziekenhuizen stijgt van 22,8% naar 23,7%. Bij de academische ziekenhuizen steeg het weerstandsvermogen van 29,0% naar 31,2% in 2018.

 

 


[1] http://www.publicatiesarbeidsmarktzorgenwelzijn.nl/hoofdlijnenakkoord-medisch-specialistische-zorg-2018/

[2] Dit artikel is een actualisatie van het op 6 juni verschenen artikel in Zorgvisie (sindsdien zijn er nog 10 jaarrekeningen verschenen) https://www.zorgvisie.nl/analyse-jaarverslagen-ziekenhuizen-uit-gevarenzone/. Deze publicatie is gebaseerd op de gepubliceerde jaarrekeningen van waren van 62 algemene ziekenhuizen (97%) en van alle 8 UMC’s. Er mist nog 1 jaarrekening (Tergooi). De resultaten van de ontbrekende jaarrekeningen zijn geëxtrapoleerd op de cijfers 2017. De failliete ziekenhuizen Slotervaart en IJsselmeerziekenhuizen zijn in de analyse meegenomen op basis van het faillissementsverslag.

[3] ErasmusMC incl. Havenziekenhuis, excl. Admiraal de Ruyterziekenhuis. UMCG excl OZG.

Prismant nieuwsbericht

Doe de verwijsscan